MAARTJE FLEUR
INTERVIEWS
REPORTAGES
COLUMNS
CONTACT

2007 Esta


Francine Oomen:  ‘Je leeft vanuit liefde of vanuit angst.’

Kinderboekenschrijfster Francine Oomen weet hoe moeilijk het leven van een kind kan zijn.  Alle angsten van haar jeugd heeft ze schil voor schil afgepeld. ‘Er is niets om bang voor te zijn. Integendeel.’
 
Elk honderdtwintigste boek dat bij bibliotheken wordt uitgeleend is een titel van Francine Oomen. Al vier jaar achter elkaar krijgt ze voor de Hoe Overleef Ik-serie de Jonge Jury-prijs en de Kinderjury-prijs. Naast kinderboeken werkt Francine Oomen aan een tijdschrift, een film, een tv-serie en ze wil een boek voor volwassenen schrijven. Al die dingen bedenkt ze in haar reusachtige werkkamer in een boerderij in Noord-Holland. Als ze achter haar computer zit, kijkt ze uit over de weilanden. De open haard brandt en midden op de vloer liggen acrobatiekballetjes.

Hoe Overleef Ik Stress

“Ik leer te jongleren met balletjes. Dat vraagt om fysieke aandacht in plaats van mentale. Die balletjes kunnen ook alleen maar in de lucht blijven als ik er niet over nadenk. Als schrijver ben ik altijd met mijn hoofd bezig en de afgelopen jaren heb ik veel te hard gewerkt. Ik was bezig met Hoe Overleef Ik Stress, een survival-gids voor kinderen, maar het lukte maar niet. Toen besefte ik: dit gaat over mezelf. Ik moet het rustiger aan gaan doen! Al zo lang had ik te weinig tijd voor mijn kinderen, familie en vrienden en op de eerste plaats mezelf. Als er iemand vroeg hoe het met me ging, zei ik altijd: ‘Goed, maar ik ben wel erg moe want ik heb het zo druk.’ Op een geven moment dacht ik: ik wil wel eens iets anders vertellen dan altijd dat gezeur over moe. Ik ben net overgestapt naar een andere uitgeverij en daarom had ik veel lef nodig om te zeggen dat ik even rustig aan wilde doen. Nog nooit was ik een afspraak niet nagekomen en nu moest ik allerlei projecten afzeggen waar ook vaak andere mensen bij waren betrokken. Ik ben nu voor een paar maanden gestopt met werken. Ik wil veel buiten zijn, wandelen, in de tuin prutsen, maar ook naar theater gaan, reizen, door de stad slieren, vrienden bezoeken en lummelen. In het begin was dat erg wennen. Als ik op de bank de krant zat te lezen, dacht ik na drie minuten al: ik ga de was doen, of ik ga hout hakken.”
 
Hoe Overleef Ik Mezelf

“Het eerste boek uit de Hoe Overleef Ik –reeks ging over Rosa en Jonas die verdwaalden in Corsica. In dat boek stonden allemaal tips om te overleven in de wildernis. Maar naarmate de serie vorderde ging het steeds meer over hoe je sociaal en emotioneel kunt overleven. De reden waarom ik dat soort tips geef, is omdat ik weet hoe moeilijk het leven kan zijn als je kind bent. Ik heb het zelf nogal ontbeerd in mijn jeugd. Ik weet hoe eenzaam je kunt zijn als je vastzit in de mallenmolen van je gedachten en denkt dat je abnormaal bent. Toen ik veertien was had ik anorexia. Als het niet goed ging, dan zei ik als een strenge moeder tegen mezelf: ‘Jij verdient het niet.’ Ik denk dat de oorzaak van die anorexia was dat ik een over ontwikkeld verantwoordelijkheidsgevoel had en diep ongelukkig was. Waarschijnlijk was het ook een kreet om hulp. Ik kon mezelf niet accepteren zoals ik was en gaf mezelf ook overal de schuld van. Vriendinnen had ik wel, maar ik vond het moeilijk om vriendschap te sluiten omdat ik me zo onzeker voelde. Altijd was ik bang dat ze me zouden buitensluiten of me niet leuk zouden vinden. Een heel angstig iemand was ik, veel angstiger dan nu. Dat is voor mij een voordeel van ouder worden. Langzaam maar zeker, schil voor schil, heb die ik angst kunnen afpellen en steeds meer merk ik dat er niets is om bang voor te zijn. Integendeel.
Liefde en angst zijn voor mij de essentiële polen in het leven. Ik denk dat je alles wat een mens doet, kunt herleiden naar angst of liefde. Ik vind het interessant om me bij alles wat ik doe af te vragen: doe ik dit uit angst, of doe ik dit uit liefde? Angst is niet negatief omdat het een functie heeft. Het is de aandrijfmotor naar verandering. Zonder angst blijft iedereen zitten waar ie zit en gebeurt er niets. Stel dat je in een relatie zit en niet durft op te stappen omdat je niet alleen durft zijn. Op een gegeven moment kun je niet langer op die manier leven, en dan ga je het anders doen. Maar dan moet je wel het lef hebben om door je angst heen te gaan. Doe je dat niet, dan verandert er niets. Of hetgeen waar je hebt meest bang voor was, gebeurt juist. Stel dat je bang bent dat je je partner kwijtraakt. Daar word je zo verkrampt van dat je partner lucht wil en zijn interesse in je verliest.
Als je dingen doet uit liefde, dan heb je niet alleen vertrouwen in jezelf, maar ook in de wereld waarin je leeft. Dan kom je erachter dat de wereld er niet op uit is om je te nekken, maar het een goedertieren plek is. Stel dat je besluit te gaan leven vanuit liefde: je stapt uit die relatie die je allang niet meer gelukkig maakt. Dan zul je ontdekken dat op een bijna magische manier alles met je zal meewerken. Je vindt een huis, en een vriendin om bij uit te huilen en anderen zullen je helpen verhuizen. Ik kan dit niet vertellen als ik dit niet zelf heb meegemaakt.
Het is niet makkelijk om te leven van uit liefde. Maar als je kleine stapjes neemt, dan durf en kun je steeds meer. Leef je niet vanuit liefde, dan blijf je als verlamd zitten en raak je verbitterd, gefrustreerd en word je ziek. Vaak verzamel je ook nog allemaal bange mensen om je heen, die je angsten alleen maar bevestigen. Maar als je net die ene vonk liefde voelt, dan krijg je een impuls om door je angsten heen te gaan van iemand die je in de bibliotheek ontmoet, spoort een film je aan of geeft een boek dat je leest je een zetje.
Het doel van dit leven is volgens mij een leerproces doormaken om een harmonieuzer en gelukkiger mens te worden. Een mens dat niet alleen op zichzelf gericht is, maar op het grote geheel. Ik hoop, of liever, ik ben van plan om te onderzoeken en te leren tot ik sterf. Dat maakt het leven interessant en boeiend.”           

 

Hoe overleef ik mijn ouders? (en zij mij!)

“Mijn ouders zijn gescheiden toen ik twaalf was. Ik verhuisde met mijn moeder naar Groningen waar ze ging samenwonen met een man met wie ik het totaal niet kon vinden. Met mijn vader had ik vanaf dat moment geen contact meer.
Inmiddels heb ik weer een uitstekende relatie met mijn vader. Mijn vader heeft veel angsten gekend, maar hij heeft ze aangekeken en is erdoorheen gegaan. Dan stroomt het leven. Hij heeft ruiterlijk toegegeven dat hij in mijn jeugd een grote fout heeft gemaakt. Als iemand dat kan, dan geeft dat ontzettend veel ruimte voor liefde en begrip. Ik houd van mensen die eerlijk zijn en geen poppenkast spelen. Die zich niet schamen voor een vetrolletje, durven huilen als ze verdriet hebben en uitgelaten zijn als ze blij zijn. Als je jezelf bloot geeft, dan geef je een ander ook toestemming om zichzelf te zijn.    
Met mijn moeder heb ik een veel minder goede band. Maar er is wel begrip. Wat voor mij een ontzettende eye opener was, was toen ik haar vroeg hoe haar jeugd was geweest. Ze antwoordde: ‘Ik heb nooit een moeder gehad.’ Ik vroeg hoe ze daarbij kwam, want oma was immers 67 geworden. Toen ze uitlegde hoe haar jeugd was geweest, begreep ik wel waarom zij niet goed was in moederen. Natuurlijk is het geen excuus, maar alles heeft wel een reden. Een vader die alcoholicus is en zijn kind slaat, is niet zomaar zo geworden. Je kunt er vergif op innemen dat zijn vader dat ook deed. Maar als je die rode draad door je familiegeschiedenis ziet, dan moet je wel het lef hebben om te zeggen: ik ga het anders doen. Die mogelijkheid is er altijd.”

 

Hoe overleef ik een gebroken hart?

“Zo’n meisje dat droomde van een witte jurk en een stoet kinderen was ik niet. Maar toen ik 27 was, en een relatie had met een twintig jaar oudere man, wist ik instinctief: dit is de vader van mijn kinderen. Toen we drie kinderen hadden en onze relatie stukliep, was dat verschrikkelijk moeilijk voor me. Ik had met mezelf afgesproken dat ik het anders zou doen dan mijn ouders. Maar op een gegeven moment besefte ik dat het in ieders belang was als we uit elkaar gingen want pas dan was er weer kans op groei. Ik dacht: als het dan niet lukt om voor altijd en eeuwig met elkaar gelukkig te zijn, laten we dan in ieder geval de scheiding zo goed mogelijk doen. Dat werd mijn nieuwe doel. We gingen vlak bij elkaar wonen zodat we co-ouderschap konden doen. We kwamen bij elkaar over de vloer, aten bij elkaar en hebben nooit kwaad over elkaar gesproken. Ik denk dat de kinderen de scheiding goed hebben doorstaan, maar dat wil niet zeggen dat ze niet ieder hun eigen dingen hebben waar ze tegenaan lopen.
Na de scheiding heb ik relaties gehad, maar ik ben niet meer gaan samenwonen. Ik ben niet meer geschikt voor een traditionele relatie. Ik vind het leuk om een relatie te hebben en samen te spelen en de wereld te ontdekken, maar ik ben graag vrij. Bovendien heb ik drie kinderen, en die komen altijd op de eerste plaats.
Ik denk dat veel mensen niet realistisch omgaan met stiefouderschap. Zeker als ze nog kleine kinderen hebben, weten ze niet hoe snel ze weer een nieuw gezin kunnen vormen. Dat geeft ons instinct ons in: Zorg Voor Het Nageslacht, en een gezin lijkt daarvoor de beste manier.
Ook ik heb die rol van stiefouder wel eens gehad. Toen ik hartstikke verliefd was, wilde ik ook niet anders dan die ander en zijn kinderen in mijn armen sluiten. Nu gaan we het perfecte gezinnetje vormen, dacht ik. Maar ik merkte dat ik niet kon houden van zijn kinderen, ik hád niets met ze. Daar voelde ik me erg schuldig en slecht over. Toen ik er op een afstand naar keek, en er met anderen over praatte, kwam ik erachter dat je jezelf niet kunt dwingen om van een ander te houden. Je houdt van iemand of niet, dat is nu net hetgeen wat niet maakbaar is. Dan kun je daar maar beter op een realistische manier mee omgaan. Dus geen dingen doen die het snelkookpaneffect veroorzaken, zoals gaan samenwonen, of met alle gezinsleven vier weken in een tent in Midden-Spanje gaan zitten. Uiteindelijk zijn de kinderen altijd de klos van zo’n mislukt stiefgezin. Die voelen haarscherp aan of ze gezien en bemind worden. Het is afschuwelijk om te moeten wonen met iemand die jou eigenlijk niet ziet zitten.”   
            

Hoe overleef ik met/zonder jou?

“Mijn oudste zoon is in september op kamers gegaan. Het jaar ervoor dacht ik dat ik dat heel moeilijk zou vinden, maar ik ben ernaartoe gegroeid. Hij was pas achttien toen hij van de middelbare school kwam, en is daarom niet meteen gaan studeren. Eerst heeft hij een half jaar als snowboard leraar in Oostenrijk gewerkt. Toen merkte ik dat hij heel goed voor zichzelf kan zorgen, en dat gaf me veel vertrouwen. Ik kwam er ook achter dat als hij gelukkig is, ik me er ook goed bij voel. Hoewel ik hem natuurlijk het liefst zoveel mogelijk om me heen heb.
De boeken die ik schrijf zijn eigenlijk steeds met mijn kinderen meegegroeid. Toen ik een baby had, bedacht ik de knisperboekjes voor baby’s. Toen mijn kinderen peuters en kleuters waren, maakte ik prentenboeken, en nu schrijf ik jeugdboeken. Het is daarom voor mij een logische stap om voor volwassenen te gaan schrijven. Of dat nu boeken of gedichten moeten gaan worden, dat weet ik nog niet. Om die reden heb ik ook vrij genomen: nu kan ik uitzoeken waar mijn fascinatie precies naar uit gaat. Ik ben niet bang dat critici me gaan afrekenen op het feit dat ik tot nu toe alleen kinderboeken heb geschreven. Ik doe wat ik graag wil, en ben blij dat ik dat kan en mag. Wat anderen ervan vinden, daar houd ik me niet mee bezig. Ook dat is leven vanuit liefde in plaats van vanuit angst.”          
 
Wie is Francine Oomen

Francine Oomen (Laren, 1960) is de meest gelezen Nederlandse kinderboekenschrijfster en heeft meer dan 130 titels op haar naam staan. Aan de Design Academy in Eindhoven is ze opgeleid voor industrieel ontwerpster. In 1992 schreef en illustreerde ze haar eerste kleuterboek: Sammie Eigenwijs, dat ook in andere landen een groot succes was. Een jaar later vond ze de knisperboekjes voor baby’s uit. In 1997 schreef ze haar eerste jeugdboek: De computerheks. Haar grote doorbraak kwam in 1999 met de Hoe Overleef Ik-reeks. Nederlandse meisjes lezen liever een Hoe Overleef Ik-boek dan Harry Potter en de afgelopen vier jaar werd elk nieuw deel van de serie bekroond door de Kinderjury en de Jonge Jury. Francine Oomen heeft drie kinderen: Joris (1987), Lotte (1989) en Daan (1991) en woont in Noord-Holland.

< TERUG NAAR INTERVIEWS